HoeksteenTrottoir

27 juli 2011 05:00

Door Robert Mienstra


“Wat vind je van mijn bloempotten?”, vraagt zwager Heiko uit de Grasmeent in Haven.
Ik bekijk drie stemmige roodstenen potten met winterharde planten die net buiten de voortuin staan.
“Mooi”, zeg ik, “kunnen ze meteen niet meer voor je deur parkeren.”
“Da’s ook de bedoeling”, grijnst Heiko.
“Maar”, gaat hij verder, “ik kreeg de buurtregisseur van de gemeente aan de deur. De potten moeten weg.”
“Waarom?”, vraag ik.
“Ze staan op de stoep”, zegt Heiko.
“Welk stoep?”, vraag ik. Er is geen stoeprand te bekennen.
“De klinkertjes voor mijn voortuin gelden als stoep”, wijst Heiko.
Ik zie geen verschil met de rijbaan.
“Dus ik zeg tegen die buurtfiguur: ‘Kijk eens naar al die auto’s verderop, die staan dus allemaal op de stoep geparkeerd’.”
Ik zie auto’s die op dezelfde plek staan als waar Heiko’s potten sieren.
“Ik zeg tegen die buurtfiguur: ‘Als mijn potten weg moeten, dan moet jij al die auto’s verderop gaan bekeuren. Die staan dan ook op de stoep.’”
“Slim”, knik ik.
“Maar dat zag ik volgens buurtfiguur helemaal verkeerd”, gromt Heiko, “dus zeg ik tegen die buurtfiguur: ‘Als er auto’s staan is het geen stoep, als er potten staan wel’.”
“En nu?’, vraag ik.
“Ik krijg de milieupolitie op mijn dak”, grijnst Heiko, “voor drie potten met groenblijvers.”