Een vervolgverhaal op weg naar SinterklaasTrappedoelie en de gouden usb-stafHoofdstuk 2: De gouden

12 november 2008 08:00

Tot nog toe:


Johan heeft bij toeval kennis gemaakt met Trappedoelie, de zwarte piet die altijd in Nederland achterblijft. Trappedoelie is niet blij dat hij gezien is.

Trappedoelie keek een beetje angstig naar Johan. Zijn voet maakte verlegen kringetjes in het grind: "Ik ga wel weer woeg."
"Nee!", riep Johan snel. "Niet weggaan. "Wat is er? Kan ik je helpen?"
Voor dat Johan het wist stond Trappedoelie al in zijn slaapkamer.
"Wauw!", zei Johan. "Dát doe je snel."
"Tja, ik heb de zware poeten-schoel gevolgd", antwoordde Trappedoelie. "Ik heb mijn diploemoe."
Hij ging op het randje van Johan's bed zitten en zuchtte diep.
"Nou, vertel je nog wat er aan de hand is?", vroeg Johan.
"Ik ben een domkoep", begon Trappedoelie. "Ik ben de zwarte poet die altoed in Nederloend achterbloeft als Sinterkloes weer in Spanjoe is."
Johan knikte. Hij moest goed luisteren om Trappedoelie te kunnen verstaan, met dat gekke accent. De piet ging verder: "Het hele joer moet ik oploeten of alle kindoeren zoet zijn. Dat noteer ik dan in mijn laptoep."
"Laptop", herhaalde Johan.
"Ja, mijn laptoep. Mijn vorige week lag ik te slapoen op mijn gehoeme slaapploek en toen was ie woeg."
"Wát was weg?", vroeg Johan.
"De gouden usb-stoef". Trappedoelie begon spontaan te huilen.
"Een usb-stoef?", wat is dat nou weer?"
"Een stoef!", herhaalde de piet. Hij wees met zijn hand hoog boven zijn hoofd. "De stoef van Sinterkloes!"
"Aha! Je bedoelt de staf van Sinterklaas", jubelde Johan.
Trappedoelie haalde vol onbegrip zijn schouders op. "Dat zei ik toech al?"
Johan zette het probleem voor zichzelf nog eens op een rijtje: "Jij hebt een gouden usb-staf waarop je alle gegevens van de Nederlandse kinderen bewaard. En die is gestolen."
De piet knikte bedroefd. "Door Dikke Doerk."
"Wie is Dikke Dirk?"
"Een stout koend", zei Trappedoelie. "Hij heeft vroeger op basisschool De Loofhoet gezeten bij juffroew Monoek. Dat las ik in het grote boek."
"Dan gaan we morgen naar juffrouw Moniek toe!", riep Johan dapper. "Die Dirk moeten we te pakken krijgen. De school De Loofhut bestaat niet meer, maar juffrouw Moniek vast nog wel!"
"Wil je me echt hoelpen?", vroeg Trappedoelie.
"Natúúrlijk", zei Johan. Maar dan moet je je wel goed verstoppen.
"Ik heb mijn verstoep-diploemoe!", zei de zwarte piet.
"Nou, dan mag je wel eens naar een opfris-cursus, want ik had je mooi gezien in de tuin."
Trappedoelie stak beledigd zijn neus omhoog. "Ik was in twintoeg jaar nog nooit door iemand gezoen, behalve één keer door je moeder."
Johan wreef zijn vinger onder zijn neus. "Dus mama had tóch niet gejokt!", sprak hij. "Er is écht een zwarte piet die in Nederland blijft."
"Natuurloek", antwoordde Trappedoelie. "Dat boen ik."
"Je mag op mijn kamer slapen", zei Johan. "Maar onder het bed. Morgen gaan we op zoek naar juffrouw Monoek."
"Moniek", verbeterde Trappedoelie. Johan trok verbaasd zijn wenkbrauwen op. Nu zei die zwarte piet het ineens wel goed.
De volgende ochtend was het gelukkig zaterdag en dus was Johan vrij. Trappedoelie had opgezocht dat juffrouw Moniek inmiddels in de Filmwijk van Almere Stad woonde. Johan belde een beetje zenuwachtig aan. Een vrouw deed open.
"Bent u juffrouw Moniek van De Loofhut?"
"Ik wás juffrouw Moniek van De Loofhut", zei de vrouw vriendelijk.
"Ik wil iets weten over Dikke Dirk."
De glimlach van juffrouw Moniek verdween onmiddellijk. "Waaróm?", zei ze ineens kortaf.
"Ik denk dat hij iets gemeens van plan is. Hij heeft iets gestolen van Sinterklaas."
"Van Sinterklaas?", herhaalde juffrouw Moniek. Ze sloeg haar hand voor haar mond. "Maar… dat is verschrikkelijk! Wie steelt er nu iets van Sinterklaas? Zoiets kan alleen Dikke Dirk bedenken."
Ze was even stil. "Weet je. Dikke Dirk was best een lieve jongen, maar hij dééd alleen altijd zo gemeen."
"Wat deed hij dan?", vroeg Johan.
"Ooh, van alles: fikkie stoken, stelen, vals spelen. En hij was gek op houten speelgoed. Als we op school houten speelgoed hadden gekocht, dan was het een dag later verdwenen. Een meester heeft ooit bij Dikke Dirk thuis alles teruggevonden. Toen moest hij met de politie mee. Nee, als Dikke Dirk dit gedaan heeft, dan is Sinterklaas in groot gevaar…!"
"Maar dan weet ik waar we Dikke Dirk moeten zoeken", grijnsde Johan.
Piet en juffrouw Moniek keken de jongen aan. "Waar dan?"
"Het Houten Speelgoedparadijs!"
Wordt vervolgd…