Gevangenisbewaarder met hart op de tong
Karin Spaan werkte 23 jaar in Almere Binnen

Door Robert Mienstra
ALMERE – Gevangenismedewerkster Karin Spaan van de Penitentiaire Inrichting Almere, beter bekend als Almere Binnen, is een hart-op-de-tongvrouw. “Klopt,” zegt ze. “Bij mij is het what you see is what you get. En dat respecteerden de gedetineerden.” Ze werkte 23 jaar lang in Binnen, van begin tot eind. De gevangenis moest sluiten van de rijksoverheid.
Als afscheid maakte Almere Binnen een herinneringsboek over 22 mooie jaren. (Foto: Peter Isaac/ Myrthe Scharn)

Spaan begon als medewerkster bij Almere Binnen in 1995. “Mijn eerste nachtdienst was in een gevangenis zonder gedetineerden”, vertelt Spaan. “Met een paar collega’s moesten we het gebouw leren kennen, ieder hoekje en gaatje moest je in het hoofd hebben voordat de gedetineerden kwamen. Er was niets, geen radio, geen tv, alleen een computer met patience erop.” En dan met haar kenmerkende gulle lach: “Nou, dat spelletje heb ik goed leren spelen.”
Saamhorigheid

Werken in een Penitentiaire Inrichting is niet niks. “De werkdruk is soms extreem hoog”, zegt Spaan. “Heel belangrijk is de saamhorigheid in het team, de gedrevenheid. Dat houdt iedereen op de been. En de energie.” Dat laatste haalde Spaan uit haar relaties met de gedetineerden. “Die relatie was eenzijdig. Van hen naar mij, en niet omgekeerd. Ik vertelde bijna nooit iets over mezelf. Maar ik was er wel echt voor hen. Ik zeg wat ik vind, heb het hart op de tong en luisterde goed. Dat werd gewaardeerd. Daar haalde ik de energie uit.”
Jongetje

Spaan is goed gebekt. Ze lacht. “Ik knal er altijd van alles uit. Maar dat is wel gemeend. En haal geen geintjes met me uit. Ik kwam vrij toevallig in het gevangeniswezen terecht, maar het werk is me op het lijf geschreven door hoe ik ben. De gedetineerden vertelden me vaak alles van zichzelf. Ik nam dat nooit mee naar huis. Maar in Almere Binnen kon ik er wat mee. Een gevangene vroeg aan me wat ik van hem vond. Hij had echt ernstige zaken op zijn kerfstok. Op mijn manier heb ik hem antwoord gegeven. En dat was een ongezouten antwoord. Ik zag de man veranderen tot een klein jongetje met tranen in zijn ogen.”
Afstand

Privé heeft Spaan nooit last gehad van haar werk met gedetineerden. “Maar mijn gezin wel een beetje hoor. In de loop van de tijd kwam ik er door het hele land steeds meer tegen die vrij waren gekomen. Zij knoopten praatjes met me aan, vonden het leuk om me te zien, vertelden hoe het met hen ging. En soms vroegen ze advies. En als het goed ging, dan kreeg ik het hele verhaal. Vanuit mijn werk begreep ik hun houding. Als gevangenisbewaarder ben je vaak de lifeline van de gedetineerden, hun dagelijkse vaste waarde. Dat schept een band van hen naar de bewaarder. Je bent belangrijk voor hen. Daarbij hield ik van mij uit grote afstand. Dat respecteerden ze.”
Politiek

Goede herinneringen heeft Spaan zeker. “Vooral aan de gedetineerden waarmee het nu goed gaat. Daar heb ik een heel klein steentje aan mogen meedragen. Daar voel ik nu al weer de energie van.” Ook de steun die de medewerkers van Almere Binnen kregen toen de sluiting boven het hoofd hing. De bewoners, de gemeenteraadsleden, de provincie, ook de burgemeester steunden ons. Dat deed ons veel goed. Het mocht niet baten, maar het is wel een fijne herinnering.”
Artikel geplaatst op: 21 december 2018 - 16:03

Gerelateerd

Delen